Wat moet je met hoop in de politiek?

 “Het meest beroerde dat kan gebeuren in een democratie is dat we cynisch worden over de toekomst en de hoop verliezen”. Dat zei Hillary Clinton in 2007. Waren het profetische woorden? De toonzetting van het publieke debat is cynisch geworden, maar de hoop zijn we nog niet verloren! Die hebben we gevestigd op de populisten, die korte metten maken met de gevestigde orde en gouden bergen beloven…

Clinton moet het in haar verkiezingscampagne zelf opnemen tegen ‘The Donald’, die zijn kiezers mobiliseert om een grootse toekomst veilig te stellen: “Make America great again”. En ook in Europa doen de populisten een greep naar de macht. Niemand kijkt er meer van op als Maurice de Hond voorspelt dat Geert Wilders de nieuwe premier van Nederland wordt. Het cynisme is aan de winnende hand. In Engeland, Frankrijk, Griekenland en Oostenrijk lopen de kiezers massaal achter Farage, Le Pen, Tsipras en Hofer aan en de verwachting is dat Iglesias met zijn Podemos in Spanje voor een politieke aardverschuiving gaan zorgen.

Eigenwijs
Dwars tegen die stroom in zijn er twee eigenwijze nieuwkomers in de Nederlandse politiek die met een boodschap van hoop komen. Op de dag van hun verkiezing tot lijsttrekker spraken Jesse Klaver en Gert-Jan Segers op hetzelfde moment de congressen van GroenLinks en de ChristenUnie toe. Het ging in hun toespraken, die qua stijl en op onderdelen ook qua inhoud opmerkelijke overeenkomsten vertoonden, over hoop. Klaver droomde hardop van een socialer en vriendelijker Nederland, “een land waar we niet tegen elkaar schreeuwen, maar met elkaar praten”. En Segers zei tegen zijn partijgenoten: “Voor de draad met onze vijf broden en twee vissen. Dan zullen we doen wat we kunnen, en gaan we werk maken van christelijk-sociale politiek die mensen recht doet en hoop biedt”.

Hoop Politiek Obama

Inspelen op angst
Is dat een begaanbare weg naar electoraal succes? Wat moet je met zoiets als ‘hoop’ in de politiek? Klaver en Segers maken het zichzelf niet makkelijk. Ze lappen een paar belangrijke communicatiewetten aan hun laars. Eén van de verklaringen voor het succes van de populisten is namelijk dat zij inspelen op angst. Dat deed overigens Al Gore ook met zijn campagne ‘An inconvenient truth’. Hij sprak een realistische angst bij veel mensen aan. In de communicatie noemen we dat een fear appeal. Daarmee kwam de discussie over de klimaatverandering in een stroomversnelling terecht. Geert Wilders en zijn collega’s spelen in op de angst voor moslims en vluchtelingen. Diverse communicatiewetenschappers hebben aangetoond dat een fear appeal in politieke campagnes effectiever is dan een positieve boodschap.

Brein
Met hun boodschap van hoop zetten Klaver en Segers zichzelf dus op achterstand, maar dat lijkt een bewuste keuze. Er is nog een verklaring voor het succes van de populisten: zij spelen in op emoties. Daarmee rekenen zij bewust of onbewust met de werking van ons brein. Kiezers verbinden zich veel eerder vanuit hun emoties aan een politieke boodschap dan op basis van rationele overwegingen. Dat heeft niks te maken met intelligentie of de belevingscultuur, maar zo werken onze hersenen. Niet minder dan 90% van onze beslissingen nemen wij op basis van het associatieve en emotionele systeem van ons brein. Dat is de les van de psycholoog en Nobelprijswinnaar Daniël Kahneman.

Hoe raak ik de kiezers?
Er zijn steeds meer politici die de verleiding niet kunnen weerstaan om met hun eigen fear appeal op te bieden tegen de populisten. Klaver en Segers maken een andere keuze. Dat is dapper, maar geen garantie voor succes. Zij zullen met hun boodschap van hoop een appèl moeten doen op het associatieve en emotionele kiezersbrein. Daarvoor kunnen zij in de leer bij Barack Obama die in 2008 een campagne van de hoop voerde. Hij ontpopte zich meer als een idealist dan een realist, die uit was op meer gerechtigheid zonder het compromis te schuwen. Daarmee wist hij het hart van de kiezers te raken. Een positieve campagne vraagt om een goede voorbereiding en kennis van communicatie. Dat geldt niet alleen voor Klaver en Segers, maar ook voor bestuurders en politici op lokaal en provinciaal niveau. Hoe doe ik met mijn boodschap een appèl op het associatieve en emotionele brein van de kiezer? Dat is de vraag waar elke politicus die zijn inhoudelijke boodschap serieus neemt een antwoord op moet vinden.

Nico Schipper